Leon, een stad waar van alles te beleven valt
Foto's: enkele wandschilderingen in Leon
5 februari 2009
De tijd gaat snel. Het is alweer anderhalve week geleden dat ik in Leon aankwam. In eerste instantie was ik van plan om hier een week Spaans te leren, maar omdat het me hier prima bevalt heb ik er een tweede week aan vastgeplakt. Aanstaande zondag ga ik echter weer op pad. Eerst naar Managua en dan door naar Granada. Wat later in Rivas zal ik mijn eerste Nicaraguaanse project bezoeken.
Nu ik in deze stad wat meer tot rust kom wordt het me steeds duidelijker dat de combinatie van reizen en schrijven me erg tegenvalt. Het was mijn bedoeling om veel artikelen te publiceren over projecten en situaties die ik onderweg tegen zou komen, maar nu ik al meer dan vier maanden onderweg ben kom ik tot de conclusie dat het me niet lukt. Mijn hoofd zit te vol en het lukt me niet om het in alle rust op een rijtje te krijgen. Met steeds meer tegenzin begin ik dan ook aan nieuwe artikelen, wat de kwaliteit niet ten goede komt. Mijn stemming laat ik er niet door beinvloeden. Ik probeer zoveel mogelijk aantekeningen te maken zodat ik na de tocht in alle rust een uitgebreid verhaal kan schrijven. Want ik maak genoeg interessante dingen mee die de moeite waard zijn om met andere mensen te delen.
Zo is ook Nicaragua een bijzonder interessant land waar genoeg over te vertellen valt. Vanmiddag toen ik gereedschap gekocht had voor mijn fiets zag ik dat de politie een straat afgezet had. Oorverdovend vuurwerk verraadde al op afstand dat er een demonstratie gaande was. Ik kon mijn nieuwsgierig niet bedwingen en ging op onderzoek uit. Toen ik er bijna was brak er in de groep paniek uit en hoorde ik glasgerinkel. Gillend verlieten een aantal vrouwen de groep. Ik liep echter snel tegen het verkeer in tot ik de demonstratie bereikt had. Daar zag ik dat een aantal jongeren met hun gezicht bedekt de ramen aan het ingooien waren. Het ging om een groep van zo'n twintig jongeren en de ongeveer vijftig politieagenten die er omheen stonden keken rustig toe. Verbaasd vroeg ik een man wat er aan de hand was. Hij vertelde dat een aantal studenten aan het demonstreren zijn tegen het beleid van de universiteit. Wat geirriteerd voegde hij er aan toe, 'dit kleine groepje jongeren zijn een radicale afsplitsing van de studentenbond. Ze zijn pro-Sandinistas en willen net als in de jaren '80 alles bepalen.' De rust was inmiddels weer teruggekeerd en ik liep maar weer door. Mijn fiets wacht op me om gerepareerd te worden.
Dagelijks praat ik met mensen over de politieke situatie. En bijna iedereen is het wel met elkaar eens dat politici niet te vertrouwen zijn en dat macht corrumpeert. Ook Ortega krijgt veel kritiek te voortduren. De man des huizes van de familie waarbij ik logeer wist me te vertellen dat als Ortega op reis gaat zijn hele familie meegaat inclusief hun huisdieren. Hiervoor zou een groot vliegtuig nodig zijn dat enorm veel geld kost. Volgens iemand anders zou de regering met geld smijten tijdens vergaderingen en bijeenkomsten en zou er alleen al voor de bloemen op tafel enkele duizenden dollars per bijeenkomst uitgegeven worden. De eigenaar van de Spaanse school heeft bewondering voor Ortega en is blij dat het volk nu eindelijk regeert. Hij ziet het kwaad in de zowel landelijke als plaatselijke media dat in handen is van slechts een paar mensen. Volgens hem proberen ze op allerlei manieren de F.S.L.N. zwart te maken. Om hier zelf een mening over te vormen verheug ik me erop om zondag verder het land in te trekken om meer verschillende gebieden te bezoeken en meer mensen te spreken. Het leven als fietsende reporter valt me veel zwaarder dan ik verwacht had, maar eigenwijs als ik ben, de moed geef ik niet op!